Indiase mannen die intiem met elkaar zijn
Mumbai, India
Mannen die zich tegen elkaar aanvlijen in de metro. Mannen die op straat lopen met hun pinken of andere vingers in elkaar verstrengeld. Mannen die lieflijk een arm over de schouder van een andere man leggen. Mannen die aan elkaar zitten, elkaar zonder schroom vrijelijk aanraken. Wat ik als queer man zeer aandoenlijk vind om te zien. En het trekt mijn aandacht. Voor een gemiddelde jonge Indiase man heel normaal. Het is een teken van vriendschap. Zo luidt het.

Waarom valt het op? Omdat je in Nederland, Gabon of tal van andere landen tussen mannelijke vrienden dit nooit of zelden zult zien. Daar is ‘normaal’ wat je op het voetbalveld ziet: heteromannen die theatraal hun masculinity ten toon spreiden. De FIFA-norm zal ik maar zeggen. Mannen behoren sterk te zijn, luid, agressief en wars van affectie. In Gabon raakte ik altijd de kluts kwijt als ik een andere man wilde begroeten en twijfelde over een high five, een handdruk of een bro ritueel met schouder-, vuist- en vingers, waarvan ik de vaststaande volgorde maar niet kon vatten. Waar ik een boks had moeten geven, zat ik met mijn schouderstoot te hannesen. Ik kon er wel om lachen.
Het zijn vooral de jongere mannen die je aan elkaar ziet zitten. Tenminste, in de anderhalve maand dat we nu in Mumbai zijn, hebben we de ouderen het niet zien doen.
En wat ook nog meespeelt: we zien het wellicht omdat we queer zijn? Een andere bezoeker ziet het niet eens. En of het de Indiërs zelf opvalt? Ik weet het niet. Ik zie geen afkeurende blikken. Het ziet er ook zo onschuldig uit. Haast kinderlijk. Twee jochies die van school naar huis lopen, zoiets.
Maar goed, ons valt het op. Wij zijn nieuw in dit land. Dat heeft zo zijn nadelen, maar voor een frisse blik heeft het ook voordelen. Echte conclusies kun je nog niet trekken.
Zijn wij de enigen die het opvalt?
Een Britse fotograaf viel het ook op (2023): Vincent Dolman. Hij legde het fenomeen op de gevoelige plaat vast. Na een paar weken in Mumbai ziet hij wat wij op dezelfde manier ook observeerden. Waar in het Westen mannelijke intimiteit is gelinkt aan queer, is voor Indiase mannen deze koppeling veel te smal. Of is er een andere reden?

Een andere fotograaf, de Duitser Marc Ohrem-Leclef, plaatst het in zijn tentoonstelling “Zameen Aasman Ka Farq” (2016-2025) meteen in een breder daglicht. “As far apart as the Earth is from the Sky”, zoals de titel vertaald luidt, onderzoekt hij als kunstenaar wat vriendschap, aangeraakt worden, liefde, seksualiteit en queerness voor mannen betekent, hoe ze het ervaren. Want ook al wordt het voor de buitenwereld louter en alleen als ‘vriendschap’ betiteld, het biedt natuurlijk een inkijkje in hoe queerness in India eruitziet. ‘Vriendschap’ is heerlijk neutraal. En wordt er hierdoor niet ontkend dat er meer speelt?
“I had this very strong attachment to somebody and we held hands in a very public place in Calcutta and it was the most ordinary thing to do, but for both of us it was very different. It was special, being visible to everyone … but hiding everything.” (statement op tentoonstelling).

Affectie tussen mannen is in het Westen gestigmatiseerd en geseksualiseerd. Mannen mogen genegenheid voor elkaar niet meer tonen. Het wordt als obsceen gezien. Zelfs queer mannen mogen dat publiekelijk ook niet meer laten zien. Hoe anders is India. Is India dan zo queer-vriendelijk?
Net als de Native Americans, die een derde gender omarmen — Two Spirit —, komen we dit ook in de oude, prekoloniale, Indiase cultuur tegen. In het Hindi heet het purusatva (de essentie van mannelijkheid), naritva (de essentie van vrouwelijkheid) en klibatva (de essentie van hermafroditisme).
Dit stond op gespannen voet met het Victoriaanse gedachtengoed. De Britten overheersten (Raj) India, zeg vanaf de tweede helft van de achttiende eeuw. Het was de Bengaalse ‘babu’ — de toenmalige koloniale bureaucraat — die het mikpunt werd van rauwe, vulgaire en racistische aanvallen. Zijn “buitengewone verwijfdheid”, zichtbaar in zijn tengere lichaamsbouw, zijn wapperende dhoti die op vrouwenkleding leek, en zijn verering van godinnen, verklaarde volgens de Britse overheersers waarom hij, en bij uitbreiding heel India, geleid moest worden door de sterke, assertieve hand van het superieure mannelijke Engelse ras. Victoria ondertekende zonder problemen de Age of Consent Act en daarmee werd ‘sodomie’ strafbaar (art. 377).
Victoriaans-christelijke en puriteinse moraal rondom seks. Zoals dat in eigenlijk alle Britse koloniën werd geïntroduceerd. Het moest de Britse onderdanen overzee beschermen tegen de oversexte Afrikaanse en Aziatische samenlevingen… “against the order of nature”.
Het Britse koloniale bestuur beschouwde eunuchs (hijra’s) als een directe bedreiging voor het koloniale idee van mannelijkheid — hun publieke optredens en vrouwelijke kledingstijl werden als “obsceen” gezien, en ze werden “redelijkerwijs verdacht” van sodomie, ontvoering of castratie vanwege hun gender- en seksuele ambivalentie; de Criminal Tribes Act van 1871 was een expliciete koloniale poging om eunuchs uit de publieke ruimte te verwijderen.
Een eeuwenoude, in India zelf lang geaccepteerde derde-gender-traditie (hijra’s hadden een erkende, soms zelfs verheven rol in het prekoloniale hindoe-systeem) werd door precies datzelfde Britse mannelijkheidsideaal gecriminaliseerd — omdat hun bestaan de binaire, hiërarchische logica van “sterk beschermt zwak” ondermijnde.
Fnuikend is wat in die periode de hindoe-nationalisten in Bengalen ermee deden. Ze verwierpen het Britse idee van hindoezwakte namelijk niet, maar haalden allerlei mannelijkheidsidealen met mythische proporties uit het geschiedenisstof. Juist de Britten hadden het land verwijfd, door hun gebrek aan spirituele bagage. Worstelscholen (akhara’s), gymnasia en martiale trainingsclubs schoten in Bengalen als paddenstoelen uit de grond. Hindoes waren van oudsher al strijders en echte mannen… Laat dat duidelijk zijn.
Actueel
45% van alle landen in de wereld waar homoseksualiteit op dit moment strafbaar is — 65 landen — is een Engelse kolonie geweest… Uganda en Zambia zetten er de doodstraf op.
In april 2018, tijdens een vergadering van de Commonwealth Heads of Government, biedt voormalig UK Prime Minister Theresa May haar excuses aan over de rol van het Britse Rijk bij het introduceren van anti-LGBTQ+ wetgeving over de hele wereld.
“I am all too aware that these laws were often put in place by my own country. “They were wrong then, and they are wrong now,” zei ze. “As the UK’s Prime Minister, I deeply regret both the fact that such laws were introduced, and the legacy of discrimination, violence and even death that persists today.”
Een recent Harvard-onderzoek naar mannelijkheidsnormen in India (Andrea Salazar-Diaz and Stephanie Wu, 2026, Rethinking masculinity norms in India) legt iets bloot dat tot weinig vreugde stemt: mannen die kwetsbaarheid tonen, aardig zijn, empathie laten zien, verdriet uiten, bescheidenheid tonen of zich feminist noemen, worden vaak beoordeeld als minder competent, krijgen zwakkere leiderschapsevaluaties en zien hun promotiekansen dalen — soms met verhoogd risico op intimidatie. 2026!
Ook niet hoopgevend: Gen Z-mannen (geboren tussen 1996-2012) lijken het meest geneigd om traditionele opvattingen te onderschrijven — niet alleen over vrouwenrollen (zoals dat een vrouw haar man altijd zou moeten gehoorzamen), maar ook over mannenrollen (zoals dat jonge mannen fysiek stoer moeten proberen te zijn, ook als ze dat van nature niet zijn).
India heeft inmiddels ook haar eigen “manosphere” — van zelfbenoemde datingcoaches die letterlijk zeggen dat een relatie geen zin heeft als je vriendin geen boterhammen voor je smeert, tot gecoördineerde, gendergerichte desinformatiecampagnes op platforms als X en Reddit. Onderzoekers hebben vastgesteld dat de algoritmes van sociale-mediaplatforms extreem misogyne content snel versterken, vaak vermomd als entertainment.
Vriendschap?
Queerness laat zien dat de categorieën vrouw of man zelf constructies zijn, en dat is precies waarom systemen, religies, culturen, die op die categorieën draaien, er zo fel op reageren — het knaagt niet aan de rand, het knaagt aan de fundering.
“Queerness today (as always) reflects the fault lines of society,
whether they are on questions of politics and ideology,
caste and food practices or how we dress and present ourselves”
(in: Queer India Now, red. Dhrubo Jyoti en Dhamini Ratnam, 2026).
Die breuklijn in de samenleving wordt dus niet gezien (door de hetero-meerderheid) als een kans, als een verrijking, een ontwikkeling, maar eigenlijk als een bedreiging.
Ik blijf vertederend kijken naar twee mannen die intiem met elkaar zijn.
