879 peuken en 53 gebruikte condooms

Hoe het estuarium van Libreville een vuilstort is geworden

Libreville, Gabon

Ik kan haast niet meer anders. Als ik ergens plastic zie liggen, wil ik het oprapen, een soort reflex.

Iedere keer als ik van de sportschool terugloop, heb ik vuilniszakken en handschoenen paraat. Zonder na te denken begin ik de plastic doppen, flessen of zakken op te rapen. Het is een gewoonte geworden. Het is 400 meter van de gym naar ons appartement, schat ik. Dus als ik beide zijden opruim, heb ik 800 meter gedaan. Gemiddeld is per dag een vuilniszak van 50 liter gevuld. Sla ik een dag over, is het ook meteen twee keer zoveel.

Onderweg herkennen mensen me meteen. Vrouwen die langs de weg zitten met hun kraam vol groenten en fruit. Ze groeten. De garageman. De bewaker. En natuurlijk word ik herkend: een lange witte man die de straat ‘veegt’. Dat valt op. Dat weet ik en dat voel ik ook.

Soms word ik aangesproken. Niet vaak. Vooral de vraag ‘Waarom?’ intrigeert me. En natuurlijk maakt het uit hoe de vraag gesteld wordt. Een afkeurende blik, zeldzaam overigens, negeer ik met een vrolijke Bonjour! Maar vaak zijn mensen oprecht verbaasd. Mijn wedervraag is dan vaak: ‘Waarom niet?’ Of ik stel de vraag waarom mensen thuis schoonmaken en opruimen. Waarom ruimen we de straat dan niet op?

In Phnom Penh deed ik het schoonmaken van de straat ook, zij het minder; eens in de week. Ook daar kreeg ik bijval, de duimen omhoog, en werd ik bijna altijd voorzien van drinken of iets te eten. Dat laatste gebeurt hier in Gabon nooit. Ik doe het natuurlijk ook niet voor dat. Ik doe het niet om er iets voor terug te krijgen. Maar het zegt wel iets. In Cambodja hebben mensen ook nauwelijks iets. Maar ik kreeg steevast te drinken. Niet in Gabon. Voor mij maakt dat duidelijk hoe hard de samenleving hier is. Keihard.

Ze waarderen wat ik doe. En ik probeer ook steeds niet een bepaalde boosheid in mijn antwoorden te leggen. Want dat levert niets op. Ik leg steeds uit dat ik tijdens het teruglopen van de gym naar huis, me irriteer aan de troep. En ik daar iets aan kan doen, door het weg te halen. Ongeveer een vuilniszak per keer. Want het is ongelooflijk, maar er wordt ongelooflijk veel op straat geflikkerd. Achteloos. Gebrek aan onderwijs, denk ik, gebrek aan voorlichting. Geen kennis over oorzaak en gevolg. Deels is het ook te wijten aan hoe het afval wordt verzameld. Nauwelijks in containers, meestal als los vuil op de grond.

In haast iedere straat dit soort taferelen

Kinderen helpen steevast mee door hun dopje of blikje bij te dragen.

Natuurlijk zien anderen dat ook. Natuurlijk hebben ze daar ook een mening over. Ik word meestal bedankt voor wat ik doe. Of een duim omhoog. Collecter pour le recyclage? Nee, in Gabon wordt niets, maar dan ook helemaal niets gerecycled. Alles gaat naar de stort of belandt op straat en uiteindelijk in de zee. Non, n’est pas possible en Gabon, recyclage n’existe pas.

Het meeste wat ik vind, zijn lege plastic flessen en blikjes fris en bier. Maar de plastic zakjes kunnen er ook wat van. Als klein grut zie ik vooral de plastic doppen, de bierdoppen, de vorkjes, de bekers, de rietjes en de peuken. Alles wat snel genot geeft, maakt afval. En niet alleen genot door suiker, nicotine of alcohol. Van de tolueensnuivers vind ik de kleine 1-seconde-lijmtubes en de verpakking. Van de hoerenlopers de gebruikte condooms. Nou ja, hoerenlopers, het zijn vooral mannen in grote SUV-wagens die ’s avonds door onze straat rijden, op zoek naar zeer slecht betaalde seks.

Ik heb ze voor de aardigheid weleens geteld: op de zeg 800 meter die ik opruim, vond ik 879 peuken en 53 gebruikte condooms.

In de jaren vijftig lieten mensen bij het olie verversen van hun auto de oude olie zo in een gat in de grond lopen. Kwaadwillend? Nee, onnozel.
Ik was zelf in de jaren tachtig een zware Van Nelle-kettingroker. Zeg maar een pakje per dag. En ik gooide met het grootste gemak achteloos mijn peuken op straat. Zonder filter, weliswaar, maar dan nog. Onnozel. Nu schaam ik me kapot.

Een verschil is echter dat er nu internet is en dat kennis over vervuiling heel gemakkelijk te vinden is. Mensen kunnen heel gemakkelijk weten wat de gevolgen zijn.

Al het zwerfvuil belandt uiteindelijk in het brakke water van de baai bij Libreville. Afgestorven mangrovevegetatie op de bodem van brakke wateren is helaas een prachtige locatie waar plastic zich heel gemakkelijk ophoopt. Door de getijden beweegt al het afval heen en weer.

Geef een reactie

Deze site gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie gegevens worden verwerkt.